Samenleven op een veranderend platteland
Zo langzaamaan begint het bij steeds meer mensen door te dringen. In onze provincie, maar ook in andere plattelandsprovincies en in politiek Den Haag. Er zijn veranderingen gaande op het platteland. Veranderingen die invloed zullen hebben op de manier waarop we met elkaar leven, werken en recreëren in onze mooie provincie. Het is belangrijk dat steeds meer mensen zich dit realiseren. Zodat we op tijd Än met elkaar ons op een goede manier kunnen voorbereiden en gezamenlijk oplossingen vinden die de kwaliteit van de samenleving waarborgen.
Door: Roelie Goettsch, kandidaat-Statenlid PvdA
Uit onderzoek wordt
steeds duidelijker dat de komende tien tot vijftien jaar de samenstelling van
de bevolking ingrijpend zal veranderen. Kort gezegd: er komen steeds meer
oudere mensen en minder jonge mensen; vergrijzing en ontgroening. In sommige
regio's zal zelfs de bevolking in totaal krimpen. Minder mensen en vooral op
het platteland, in de dorpen en de kleine kernen. Deze ontwikkeling is niet
nieuw. Er is al langere tijd sprake van een langzame terugloop van het
inwoneraantal in de dorpen. Het nieuwe is dat het tempo van de veranderingen
zal toenemen. Een heel belangrijke vraag, zowel voor mij als voor de inwoners
van de dorpen zelf is: wat zijn de gevolgen hiervan voor onze samenleving en
wat kunnen we doen om de nadelen te beperken? Welzijn en zorg: de burger is verantwoordelijk De overheid wil dat
welzijn, hulp en zorg steeds meer door de burgers zelf geregeld worden. Oudere
mensen en langdurig zieken krijgen hulp van hun kinderen, van andere
familieleden of buren. Vrijwilligers besturen de buurtbus, bezorgen de maaltijd
of organiseren activiteiten. Van mensen die hulp nodig hebben, wordt verwacht dat
ze die zorg en hulp ook zoveel mogelijk zelf regelen en organiseren. En pas als
het niet anders kan, komt de huishoudelijke hulp en de verpleging aan huis.
Mensen zorgen in de eerste plaats voor elkaar. De overheid trekt zich steeds
meer terug. "Is dat dan zo
nieuw?", zullen sommigen van u misschien zeggen. Vroeger zorgden we in de
dorpen toch ook voor elkaar? Naoberschap was de kern van de samenleving. Je
zorgde voor elkaar, zo was dat. Anders denken en anders doen, absoluut noodzakelijk voor
levendige dorpen op een veranderend platteland Het lijkt
tegenstrijdig, de vraag van de overheid om meer verantwoordelijkheid van de
burger, de steeds grotere groep mensen die behoefte zal hebben aan zorg en de
steeds kleiner wordende groep mensen die deze zorg zal 'moeten' leveren. Ik
weet dat er ook mensen zijn voor wie het moeilijk is om zelf alles te regelen,
mensen die alleen wonen, misschien geen beroep kunnen doen op familie. Voor
deze mensen moet er wel eerder hulp geboden worden door de inzet van beroepskrachten.
Om dit goed te kunnen oplossen, en te zorgen dat er geen mensen tussen wal en
schip raken, is samenwerking tussen bewoners en instellingen voor welzijn en
zorg een voorwaarde. Anders denken en anders doen Mensen maken Drenthe,
dat is de eerste zin van ons verkiezingsprogramma. Mensen maken de dorpen op
het Drentse platteland tot levendige en bloeiende gemeenschappen. Jong en oud,
werkend of gepensioneerd. De generaties zullen in omvang veranderen, en
misschien wonen er minder mensen in het dorp. Maar de kwaliteit van de
samenleving moet daar niet onder lijden. En dus moeten we investeren in
vernieuwende oplossingen. Een goede manier hiervoor is dat bewoners, gemeente,
woningcorporaties en instellingen voor welzijn en zorg hun kennis en ervaring delen
en samen werken aan innovatie in welzijn en zorg. In sommige gemeenten wordt al
in projecten samengewerkt. Woningen worden zo gebouwd of verbouwd dat ze zowel
voor jonge gezinnen als voor ouderen geschikt zijn. Sportverenigingen in
kleine dorpen gaan samenwerken zodat de jeugdclub kan blijven bestaan en er
weer voldoende vrijwilligers zijn. De gemeente kan dan toch investeren in een
sportveld, gymzaal en kleedkamers. Het dorpshuis wordt
steeds meer de plek waar jong en oud samen komen. Het consultatiebureau heeft
er een plek, evenals het bloedprikken en de kaartclub of de kinderactiviteiten.
Er is ruimte voor een jeugdsoos of voor yogalessen. Dit maakt een dorpshuis
letterlijk het middelpunt van een dorp. Een plek waar voor iedereen iets te
doen is... Verandering is een nieuwe kans Ik ben er van
overtuigd dat we met elkaar de veranderingen om kunnen zetten in kansen. Ik
vind dat de provincie moet stimuleren dat partners samengebracht worden.
Onderzoek en het delen van kennis is ook een belangrijke provinciale taak. Soms
kunnen vraagstukken niet binnen de gemeente alleen opgelost worden en is
samenwerking over de gemeentegrens nodig. De provincie zal daarbij ruimte
moeten bieden aan experimenten op het terrein van wonen, welzijn en zorg.
Misschien moeten budgetten anders verdeeld worden en onder andere voorwaarden
ingezet worden. Voor mij ligt aan de basis van die gezamenlijke aanpak dat de
provinciale overheid luistert naar bewoners, de gemeenten en de
maatschappelijke instellingen. En als partner met alle partijen samenwerkt. Anders denken en
anders doen, absoluut noodzakelijk voor levendige dorpen op een veranderend
platteland! Ik zal mij daar met hart en ziel voor inzetten. (De Rooie Drent februari 2011) 
Wat verandert er dan?



